Terug
Gepubliceerd op 18/12/2025

Besluit  Gemeenteraad

do 11/12/2025 - 20:00

Vaststellen aangepaste statuten Autonoom Gemeentebedrijf Tienen

Aanwezig: David Geladé, voorzitter
Jonathan Holslag, burgemeester
Gijsbrecht Huts, Werner Sabo, Stefanie Beelen, Liesbet Vannes, Olivia Verstrepen, Wim Bergé, Schepenen
Katrien Partyka, Jos Mombaers, Nicky Martens, Bart Maes, Liesbeth Vanderloock, Els Moyens, Bernard Vandereyken, Cléo Yaacoub, Peter Reynaers, Daniel Raymaekers, Maria Schaerlaekens, Nico Bielen, Sofie De Bruyne, Veronique Brasseur, Bart Thomas, Elias Cool, Daniel Vanluyten, Heidi Merckx, Kevin Vanderwaeren, Ine Tombeur, Bert Valkeniers, Ketty Vanherle, Anita Savonet, leden
Patricia Willems, algemeen directeur
Verontschuldigd: Nele Daenen, Eerste schepen
Dominique Wilmots, lid
Regelgeving

Bevoegdheid

  • Artikel 3 van de statuten van het AGB Tienen waarin is bepaald dat de gemeenteraad bevoegd is om de statuten te wijzigen 

Juridische context

  • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikelen 225 t.e.m. 244 , bepalen respectievelijk de organisatie, de statuteninhoud, de procedure voor statutenwijzigingen, de beheersovereenkomst, de bevoegdheden van de raad van bestuur, de personeelsregeling, de tarifering en de ontbinding van autonome gemeentebedrijven
  • Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 285 bepaalt de publicatieverplichting van besluiten en statuten op de webtoepassing van de gemeente
  • De beslissing van 17 september 2004 van de gemeenteraad houdende de oprichting van het Autonoom Gemeentebedrijf Tienen (AGB Tienen) en de vaststelling van de oorspronkelijke statuten
  • Evaluatieverslag van het AGB gemeenteraad van 25 september 2025
Feiten, context en motivering

De voorliggende statutenwijziging waarborgt de volledige conformiteit van het AGB Tienen met het actuele juridische kader: 

1. Door de invoering van artikel 5, § 4, wordt uitvoering gegeven aan artikel 240 § 4 DLB omtrent tarifering. 

2.De personeelsbepalingen worden afgestemd op artikel 239 DLB, inclusief verwijzing naar de deontologische code en de verplichting tot overname van zowel statutair als contractueel personeel bij ontbinding (artikel 45, § 2). 

3. De bijkomende verplichting van een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering vloeit voort uit artikel 227 DLB.

4. De bepalingen over het directiecomité sluiten naadloos aan bij de termijnen en vernieuwingen zoals voorzien in artikel 235 DLB

In zitting van de raad van bestuur van het AGB Tienen van 25 september 2025 werd kennis genomen van het evaluatieverslag  en de gemeenteraad van 25 september 2025 keurde de evaluatie van het AGB Tienen goed. De aanbevelingen uit het evaluatieverslag worden opgenomen:

  • Bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering: in de statuten dient expliciet te worden opgenomen dat het AGB een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering afsluit.
  • Vernieuwing directiecomité: de bepaling omtrent de vernieuwing van het directiecomité na de gemeenteraadsverkiezingen moet worden aangepast.
  • Toepassing rechtspositieregeling en deontologische code:  de statuten moeten verduidelijken dat zowel de rechtspositieregeling als de deontologische code van het gemeentepersoneel van toepassing zijn op het personeel van het AGB.
    • Resultaatsbestemming: de bepaling over de bestemming van het resultaat dient te worden versterkt zodat een gegarandeerde uitkering aan de stad wordt verankerd.
      • Overname personeel bij ontbinding: de statuten moeten voorzien dat bij ontbinding zowel het statutair als het contractueel personeel door de stad wordt overgenomen.
      • Tariefbepaling: er dient een bepaling te worden toegevoegd die stelt dat het AGB de tarieven en tariefstructuren vaststelt binnen de grenzen van de grondregels bepaald in de beheersovereenkomst, en dat maximumtarieven of formules die niet in de beheersovereenkomst zijn geregeld, ter goedkeuring aan de gemeenteraad worden voorgelegd.
      • Jaarlijkse evaluatie en rapportering: de bepaling over de jaarlijkse evaluatie van de samenwerking en rapportering aan de stad moet worden aangepast

Het is zinvol volgende elementen te wijzigen: 

  • een nieuwe § 4 wordt ingevoegd in artikel 5 betreffende de tarifering; 
  • artikel 23 wordt aangepast zodat de rechtspositieregeling én de deontologische code van het stadspersoneel op het AGB-personeel van toepassing zijn; 
  • artikel 24 wordt aangevuld met de verplichte bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering; 
  • artikel 26 (duur en einde van de mandaten in het directiecomité) wordt in overeenstemming gebracht met het DLB; 
  • artikel 45, § 2, wordt uitgebreid met de overname van het contractueel personeel bij ontbinding van het AGB; 
  • redactionele en coördinatie-aanpassingen worden doorgevoerd om de statuten volledig af te stemmen op het actuele DLB-kader. 

Gelet op het belang van een rechtszekere en actuele statutaire basis voor de werking van het AGB Tienen is het aangewezen de gecoördineerde statuten goed te keuren en de noodzakelijke uitvoeringsmaatregelen vast te leggen.

Extern advies

Steven Michiels - GD&A Advocaten

Publieke stemming
Aanwezig: David Geladé, Jonathan Holslag, Gijsbrecht Huts, Werner Sabo, Stefanie Beelen, Liesbet Vannes, Olivia Verstrepen, Wim Bergé, Katrien Partyka, Jos Mombaers, Nicky Martens, Bart Maes, Liesbeth Vanderloock, Els Moyens, Bernard Vandereyken, Cléo Yaacoub, Peter Reynaers, Daniel Raymaekers, Maria Schaerlaekens, Nico Bielen, Sofie De Bruyne, Veronique Brasseur, Bart Thomas, Elias Cool, Daniel Vanluyten, Heidi Merckx, Kevin Vanderwaeren, Ine Tombeur, Bert Valkeniers, Ketty Vanherle, Anita Savonet, Patricia Willems
Voorstanders: David Geladé, Jonathan Holslag, Gijsbrecht Huts, Werner Sabo, Stefanie Beelen, Liesbet Vannes, Olivia Verstrepen, Wim Bergé, Katrien Partyka, Jos Mombaers, Nicky Martens, Cléo Yaacoub, Peter Reynaers, Daniel Raymaekers, Maria Schaerlaekens, Nico Bielen, Sofie De Bruyne, Veronique Brasseur, Bart Thomas, Ine Tombeur, Bert Valkeniers, Ketty Vanherle, Anita Savonet
Tegenstanders: Bart Maes, Liesbeth Vanderloock, Els Moyens, Bernard Vandereyken
Onthouders: Elias Cool, Daniel Vanluyten, Heidi Merckx, Kevin Vanderwaeren
Resultaat: Met 23 stemmen voor, 4 stemmen tegen, 4 onthoudingen

Besluit

Artikel 1: Aan artikel 5 wordt een § 4 toegevoegd, luidende: "Het autonoom gemeentebedrijf stelt de tarieven en de tariefstructuren voor de prestaties die het levert, vast binnen de grenzen van de grondregels voor de tarifering, bepaald in de beheersovereenkomst. De maximumtarieven of de formules voor de berekening ervan die niet in de beheersovereenkomst zijn geregeld, worden ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.".

Artikel 2: §1 In artikel 23 wordt de zin "De overeenstemmende rechtspositieregeling van het gemeentepersoneel is van toepassing op het personeel van het autonoom gemeentebedrijf." vervangen door de zin "De overeenstemmende rechtspositieregeling en deontologische code van het stadspersoneel zijn van toepassing op het personeel van het autonoom gemeentebedrijf.".

§2 Aan artikel 24 wordt de volgende zin toegevoegd: "Het autonoom gemeentebedrijf sluit een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering af.".

§3 In artikel 26 wordt de eerste paragraaf, luidende "Alle mandaten vallen samen met de duur van een gemeentelijke legislatuur. In elk geval neemt het mandaat van lid van het directiecomité een einde op de eerste vergadering van de raad van bestuur die volgt op de installatie van de gemeenteraad.", vervangen door de paragraaf "Na de volledige vernieuwing van de gemeenteraad wordt tot volledige vernieuwing van het directiecomité overgegaan. In dat geval blijven de leden van het directiecomité in functie tot de nieuwe raad van bestuur hen vervangt.".

Artikel 3: §1 Artikel 41 met betrekking tot de kwijting wordt opgeheven.

§2 In artikel 45, § 2, wordt de zin "Het personeel in statutair dienstverband van het ontbonden autonoom gemeentebedrijf wordt overgenomen door de stad." vervangen door de zin "Het personeel in statutair en contractueel dienstverband van het ontbonden autonoom gemeentebedrijf wordt overgenomen door de stad.".

 

Artikel 4: De gecoördineerde statuten luiten als volgt:

 

STATUTEN AGB TIENEN

 

HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN

 

Art. 1 Rechtsvorm en naam

 

Het “Autonoom Gemeentebedrijf Tienen” is een autonoom gemeentebedrijf met rechtspersoonlijkheid opgericht bij besluit van de gemeenteraad van de Stad Tienen dd. 17 september 2004. Er wordt in onderhavige statuten naar verwezen als “het bedrijf”.

 

Art. 2 Wettelijk kader

 

Het bedrijf is onderworpen aan artikel 263decies van de nieuwe gemeentewet, aan de artikelen 225 tot en met 244 van het Decreet Lokaal Bestuur, aan de andere toepasselijke wetten, decreten en besluiten, en aan deze statuten voor zover zij niet van voornoemde regelen afwijken.

 

Art. 3 Statutenwijzigingen

 

§ 1. Onderhavige statuten worden ter inzage gepubliceerd via de webtoepassing van de stad.

 

§ 2. Op voorstel of na advies van de raad van bestuur kan de gemeenteraad de statuten van het bedrijf wijzigen.

 

De statutenwijziging wordt op dezelfde wijze bekendgemaakt als de oprichtingsbeslissing en de statuten. De gecoördineerde statuten worden gepubliceerd via een webtoepassing van de stad.

 

Art. 4 Zetel

 

De zetel van het bedrijf is gevestigd te 3300 Tienen, Grote Markt 27.

 

Art. 5 Doel, activiteiten en bevoegdheden

 

§ 1. Het bedrijf heeft als doel het beheer, de rendabilisering en de valorisering van het patrimonium behorend tot het openbaar en privaat domein waarvan het de eigenaar is of waarop, ongeacht de rechtstechniek, hem door de stad een beheers -of gebruiksrecht wordt toegekend, evenals de exploitatie van infrastructuren bestemd voor culturele, sportieve of toeristische activiteiten of voor ontspanning, voor het onderwijs, voor sociale, wetenschappelijke of verzorgende activiteiten.

 

§ 2. Ter verwezenlijking van de in § 1 vermelde doelstellingen, kan het bedrijf, binnen de wettelijke bevoegdheden en de bepalingen van deze statuten en de beheersovereenkomst zoals bedoeld in artikel 9, alle handelingen stellen en activiteiten ontwikkelen die het nuttig acht om zijn doel te verwezenlijken, in het bijzonder:

1° de exploitatie van infrastructuren bestemd voor culturele, sportieve of toeristische activiteiten of voor ontspanning, voor het onderwijs, voor sociale, wetenschappelijke of verzorgende activiteiten;

2° het verwerven van onroerende goederen, de vorming van zakelijke onroerende rechten, de bouw, de renovatie, de verbouwing, het verhuren of de financieringshuur van onroerende goederen met het oog op de verkoop, de verhuur, de financieringshuur of andere juridische handelingen betreffende deze onroerende goederen, en het beheer van het onroerend vermogen van de stad; 3° het verlenen van aan de hoger vermelde doelstellingen verwante diensten aan de stad Tienen.

 

§ 3. Het bedrijf mag, binnen de grenzen van zijn doel, vrij beslissen over de verwerving, de aanwending en de vervreemding van zijn lichamelijke en onlichamelijke goederen, de vestiging of de opheffing van de zakelijke rechten op die goederen, alsook over de uitvoering van dergelijke beslissingen en over hun financiering.

 

Het mag gebruik maken van alle rechtstechnieken, waaronder de vestiging en de opheffing van zakelijke en persoonlijke rechten, de verlening en beëindiging van concessies, en het uitgeven en verhandelen van vastgoedcertificaten en andere effecten.

 

Het bedrijf kan, na machtiging door de Vlaamse regering, overgaan tot de onteigeningen die noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking van zijn doelstellingen.

 

Het bedrijf kan op voorwaarde van bijzondere en omstandige motivering, zakelijke rechten vestigen op de onroerende goederen die behoren tot het openbaar domein, voor zover de gevestigde zakelijke rechten niet kennelijk onverenigbaar zijn met de bestemming van deze goederen.

 

Het is bevoegd voor de affectaties en de desaffectaties van alle goederen waarvan het eigenaar is. Binnen de grenzen van zijn doel kan het bedrijf met betrekking tot de eigen goederen en de goederen van de stad optreden als bemiddelaar met het oog op de verkoop, aankoop, ruil, verhuring of afstand van onroerende goederen, en roerende rechten of handelsfondsen, instaan voor het beheer van onroerende goederen of van onroerende rechten, en het "syndicschap" van onroerende goederen in mede-eigendom uitoefenen; het bedrijf, de leden van zijn organen, zijn personeel en zijn andere vertegenwoordigers zijn daarbij niet onderworpen aan de regelgeving tot bescherming van de beroepstitel en de uitoefening van het beroep van vastgoedmakelaar.

 

§ 4. Het autonoom gemeentebedrijf stelt de tarieven en de tariefstructuren voor de prestaties die het levert, vast binnen de grenzen van de grondregels voor de tarifering, bepaald in de beheersovereenkomst. De maximumtarieven of de formules voor de berekening ervan die niet in de beheersovereenkomst zijn geregeld, worden ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad.

 

Art. 6 Participaties

 

§ 1. Het bedrijf kan rechtspersonen (hierna 'filialen' genoemd) oprichten, erin deelnemen of zich erin laten vertegenwoordigen, voor zover dat past in de opdrachten van het bedrijf, vermeld in artikel 5 en voor zover hiermee geen speculatieve oogmerken worden nagestreefd.

 

§ 2. De oprichting, deelname of vertegenwoordiging gebeurt in overeenstemming met het gelijkheidsbeginsel, de regelgeving inzake mededinging en staatssteun en de voorwaarden bepaald in de overeenkomst zoals bedoeld in artikel 9. De beslissing tot oprichting, deelname of vertegenwoordiging toont aan dat aan de voormelde voorwaarden is voldaan.

 

§ 3. Ongeacht de grootte van de inbreng van de verschillende partijen in het maatschappelijk kapitaal van het filiaal, moet het bedrijf minstens een mandaat van bestuurder worden toegekend.

 

Art. 7 Rechtspersoonlijkheid en duur

 

Het bedrijf verwerft rechtspersoonlijkheid op de dag van de oprichtingsbeslissing onder voorbehoud van de wettelijke vereiste goedkeuring. Het bedrijf wordt opgericht voor onbepaalde duur.

 

HOOFDSTUK II EXTERNE VERHOUDINGEN

 

Art. 8 Bevoegdheid van het bedrijf

 

Het bedrijf is verantwoordelijk voor de externe aspecten van haar activiteiten in de ruimste zin van het woord.

 

Binnen de grenzen van het in artikel 5 omschreven doel onderhoudt het bedrijf contacten, pleegt het overleg, voert het onderhandelingen, regelt het de samenwerking, maakt het afspraken, en sluit het overeenkomsten met andere natuurlijke personen en met publiek- zowel als privaatrechtelijke rechtspersonen.

 

Art. 9 Beleids- beheers- en samenwerkingsovereenkomsten

 

§ 1. Na onderhandelingen sluit het bedrijf met de stad een beheersovereenkomst, die, onder voorbehoud van de mogelijkheid tot verlenging, wijziging, schorsing en ontbinding wordt gesloten voor een periode die eindigt uiterlijk zes maanden na de volledige vernieuwing van de gemeenteraad.

 

Als bij het verstrijken van de beheersovereenkomst geen nieuwe beheersovereenkomst in werking is getreden, wordt de bestaande overeenkomst van rechtswege verlengd. Als geen nieuwe beheersovereenkomst in werking is getreden binnen één jaar na deze verlenging, of als een beheersovereenkomst werd ontbonden of geschorst, kan de gemeenteraad na overleg met het bedrijf voorlopige regels vaststellen inzake de in de beheersovereenkomst bedoelde aangelegenheden. Die voorlopige regels zullen als beheersovereenkomst gelden tot op het ogenblik dat een nieuwe beheersovereenkomst in werking treedt.

 

§ 2. De beheersovereenkomst en de uitvoering ervan worden jaarlijks geëvalueerd door de gemeenteraad. Hiertoe zal door de raad van bestuur een verslag omtrent de beheersovereenkomst worden opgemaakt.

 

Het bedrijf legt eveneens in de loop van het eerste jaar na de volledige vernieuwing van de gemeenteraad een evaluatieverslag voor aan de gemeenteraad over de uitvoering van de beheersovereenkomst, sinds de inwerkingtreding ervan. Dat verslag omvat ook een evaluatie van de verzelfstandiging, waarover de gemeenteraad zich binnen drie maanden uitspreekt.

 

§ 3. De beheersovereenkomst, evenals elke verlenging, wijziging, schorsing of ontbinding ervan, wordt via een webtoepassing van de stad openbaar gemaakt.

 

§ 4. Naast deze beheersovereenkomst, kunnen het bedrijf en de stad één of meer concessie-, beleids-, samenwerkings- of andere overeenkomsten of convenanten sluiten met betrekking tot het onderling afstemmen van het beleid van de stad en dat van het bedrijf in de relevante beleidsdomeinen en de ermee verbonden activiteiten. Omtrent het beheer van onroerende goederen kunnen het bedrijf en de stad één of meer lastgevingsovereenkomsten sluiten.

 

§ 5. De gemeenteraad kan aan het bedrijf middelen, infrastructuur of, mits naleving van de terzake geldende rechtspositieregeling en onverminderd de bepalingen van artikel 23 van deze statuten, personeel ter beschikking stellen of overdragen.

 

§ 6. Het bedrijf onderhandelt en contracteert met alle bevoegde instanties zowel op internationaal, Europees, federaal, gemeenschaps-, gewestelijk, provinciaal, gemeentelijk en districtsniveau over investeringen, financiële tussenkomsten en alle andere aangelegenheden die zijn doelstellingen raken.

 

HOOFDSTUK III ORGANEN

 

Afdeling 1 Inleidende bepalingen

 

Art. 10 Structuur en openbaarheid

 

Het bedrijf wordt bestuurd door een raad van bestuur en een directiecomité.

 

De vergaderingen van de raad van bestuur en het directiecomité zijn niet openbaar. Via een webtoepassing van de stad wordt een lijst met besluiten van de raad van bestuur gepubliceerd. De webtoepassing vermeldt bovendien de wijze waarop het publiek inzage kan krijgen in de notulen van de raad van bestuur en van het directiecomité

 

Het bedrijf is onderworpen aan dezelfde verplichtingen inzake formele motivering en openbaarheid van bestuur die gelden voor de stad.

 

Art. 11 Aangaan van verbintenissen, kredietbewaking, wetmatigheidscontrole en de ondertekening van girale betalingsorders

 

§ 1. In de mate dat het bedrijf geen eigen regels heeft vastgesteld voor het aangaan van verbintenissen, de kredietbewaking, de wetmatigheidscontrole of de ondertekening van girale betalingsorders, zijn de hierna volgende paragrafen van toepassing.

 

§ 2. De voorgenomen financiële verbintenissen zijn onderworpen aan een voorafgaand visum van de financieel directeur van het bedrijf. De financieel directeur van het bedrijf zal het visum toestaan indien de wettigheid en regelmatigheid van de voorgenomen verbintenis blijkt. Hij kan voorwaarden koppelen aan het visum. In geval van weigering rust er een motiveringsplicht op de financieel directeur.

Bepaalde categorieën van verrichtingen kunnen worden uitgesloten van de visumverplichting. De raad van bestuur kan dit beslissen binnen de perken vastgelegd door de Vlaamse Regering en na advies van de financieel directeur.

 

Het organisatiebeheersingssysteem bepaalt de voorwaarden die gelden om advies te kunnen vragen aan de financieel directeur over de wettigheid en regelmatigheid van verrichtingen die van de visumverplichting zijn uitgesloten.

 

§ 3. In het geval de financieel directeur weigert een visum te verlenen, heeft het directiecomité de mogelijkheid om op eigen verantwoordelijkheid te viseren. De gemotiveerde beslissing van de financieel directeur wordt samen met de eigen beslissing ter kennis gebracht van de raad van bestuur.

 

§ 4. Zelfs bij ontstentenis van de nodige kredieten kan de raad van bestuur over de uitgaven beslissen die door dwingende en onvoorzienbare omstandigheden vereist zijn, op voorwaarde dat hij daarvoor een met redenen omkleed besluit neemt.

 

De bevoegdheid om over de uitgaven te beslissen, impliceert tevens de bevoegdheid tot het vaststellen van de voorwaarden van overheidsopdrachten, het vaststellen van de plaatsingsprocedure, het voeren van deze procedure, de gunning en de uitvoering van overheidsopdrachten.

 

In de gevallen vermeld in het eerste lid, worden de financiële gevolgen opgenomen in de eerstvolgende aanpassing van het meerjarenplan.

 

§ 5. Als het organisatiebeheersingssysteem daarvoor een regeling bevat, kunnen provisies ter beschikking gesteld worden van personeelsleden voor het betalen van geringe exploitatie-uitgaven die voor de goede werking van de dienst onmiddellijk moeten worden gedaan.

 

De financieel directeur verricht de betalingen in verband met het thesauriebeheer autonoom. Daaronder vallen niet de betalingen naar de provisies, vermeld in het eerste lid.

 

§ 6. Verbintenissen mogen slechts worden aangegaan als de financiële gevolgen ervan tijdens de periode van het meerjarenplan passen binnen de ramingen van het meerjarenplan en als de financiële gevolgen voor het lopende boekjaar passen binnen de limitatieve kredieten voor dat boekjaar in het meerjarenplan.

 

Als het bedrijf nog niet over uitvoerbare kredieten beschikt voor het lopende boekjaar, is het aangaan of wijzigen van verbintenissen onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring door de raad van bestuur. Het bedrijf kan dan alleen verbintenissen aangaan of wijzigen die behoren tot de exploitatie en die verband houden met de courante werking en de bestaande dienstverlening. Eenieder die verbintenissen heeft aangegaan in strijd met het tweedelid, is daarvoor persoonlijk verantwoordelijk.

 

§ 7. Het bedrijf kan geen verbintenissen uitvoeren zonder dat er kredieten voor beschikbaar zijn, onverminderd § 6, eerste en tweede lid.

Totdat het bedrijf over uitvoerbare kredieten beschikt, kan ze alleen uitgaven doen overeenkomstig verbintenissen die zijn aangegaan voor het begin van het boekjaar en overeenkomstig nieuwe verbintenissen die behoren tot de exploitatie en die verband houden met de courante werking en de bestaande dienstverlening.

 

§ 8. Alle girale betalingen worden ondertekend door de gedelegeerd bestuurder/de voorzitter van de raad van bestuur en de financieel directeur. Met zijn handtekening bevestigt de gedelegeerd bestuurder/de voorzitter van de raad van bestuur dat de uitgave wettig en regelmatig is.

 

Als de gedelegeerd bestuurder/de voorzitter van de raad van bestuur of een personeelslid dat hij met betalingsverrichtingen belast heeft, weigert een betalingsopdracht aan een financiële instelling te ondertekenen, kan de raad van bestuur op eigen verantwoordelijkheid bevelen de betaling uit te voeren. Een dergelijk bevel kan niet worden geweigerd.

 

Afdeling 2 Raad van bestuur

 

Art. 12 Samenstelling

 

§ 1. Alle leden van de gemeenteraad vormen de raad van bestuur van het bedrijf.

 

§ 2. Volgende personen komen niet in aanmerking als bestuurslid van het bedrijf:

1° De provinciegouverneur van de provincie Vlaams-Brabant, de provinciegriffier, de

arrondissementscommissaris en de adjunct-arrondissementscommissaris van het arrondissement Leuven;

2° De magistraten, de plaatsvervangende magistraten en de griffiers bij de hoven en de rechtbanken, de administratieve rechtscolleges en het Grondwettelijk Hof;

3° De leden van het operationeel, administratief of logistiek kader van de politiezone Tienen - Hoegaarden;

4° De personen die op commerciële wijze of met een winstoogmerk activiteiten uitoefenen in dezelfde beleidsdomeinen als het autonoom gemeentebedrijf en waarin het autonoom gemeentebedrijf niet deelneemt, alsook de werknemers en de leden van een bestuurs- of controleorgaan van die personen;

5° De personen die in een andere lidstaat van de Europese Unie een ambt of een functie uitoefenen, gelijkwaardig aan een ambt of een functie, vermeld in deze paragraaf, en de personen die in een lokale basisoverheid van een andere lidstaat van de Europese Unie een ambt of een mandaat uitoefenen dat gelijkwaardig is aan dat van een gemeenteraadslid, schepen of burgemeester.

 

Art. 13 Duur en einde van de mandaten

 

De duur en het einde van het mandaat van lid van de raad van bestuur valt samen met het mandaat van gemeenteraadslid.

 

Art. 14 Vergoedingen

 

De leden van de raad van bestuur oefenen hun mandaat onbezoldigd uit.

 

Art. 15 Voorzitterschap

 

De raad van bestuur kiest uit zijn leden een voorzitter die deel uitmaakt van het college van burgemeester en schepenen en een ondervoorzitter en duidt een secretaris aan.

 

Art. 16 Vergaderingen

 

De raad van bestuur wordt bijeengeroepen door de voorzitter telkens als de belangen van het bedrijf het vereisen en minstens twee maal per jaar.

 

Op verzoek van minstens elf bestuurders is de voorzitter verplicht de raad bijeen te roepen.

 

De oproepingen vermelden plaats, datum, uur en agenda van de vergadering en worden tenminste vier werkdagen voor de vergadering per brief, fax, elektronisch of op een andere schriftelijke wijze verzonden. De uitnodiging is, zo mogelijk, vergezeld van alle nuttige documenten.

 

Art. 17 Beraadslagingen

 

De raad van bestuur beraadslaagt op de zetel van het bedrijf of, indien de omstandigheden dit vereisen, op een andere plaats die wordt bepaald door de voorzitter.

 

De raad van bestuur wordt voorgezeten door de voorzitter. Indien de voorzitter verhinderd is, wordt de raad van bestuur voorgezeten door de ondervoorzitter of, bij diens afwezigheid, door de oudste in leeftijd aanwezige bestuurder.

 

De raad van bestuur kan slechts geldig beraadslagen indien tenminste de helft van zijn leden aanwezig of vertegenwoordigd is. Indien dit quorum niet wordt bereikt, kan een nieuwe raad bijeengeroepen worden met dezelfde agenda. Die zal geldig beraadslagen en beslissen indien tenminste twee bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

 

De tweede oproeping moet geschieden overeenkomstig de bepalingen van artikel 16 en er moet vermeld worden dat de oproeping voor de tweede maal geschiedt. Bovendien moet het derde lid van onderhavig artikel in de tweede oproeping woordelijk worden overgenomen.

 

De besluiten van de raad van bestuur worden bij meerderheid van de uitgebrachte stemmen genomen. Blanco en ongeldige stemmen worden niet bij de uitgebrachte stemmen geteld.

 

In geval van staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend; bij geheime stemming evenwel wordt de beslissing verworpen.

 

Over punten die niet op de agenda werden vermeld, kan de raad van bestuur slechts geldig beraadslagen mits akkoord van twee derden van de aanwezige stemgerechtigde leden.

 

Indien op een vergadering van de raad van bestuur het vereiste quorum om geldig te beraadslagen is bereikt en één of meer bestuurders zich onthouden, al of niet ingevolge een belangenconflict, worden de besluiten geldig genomen bij meerderheid van de overige aanwezige of vertegenwoordigde bestuurders. Elke bestuurder heeft één stem.

 

ledere bestuurder kan per brief, per fax, elektronisch of op een andere schriftelijke wijze aan een bestuurder volmacht geven om hem op een vergadering te vertegenwoordigen.

 

Een bestuurder mag niet meer dan één volmacht uitoefenen.

 

De stemmingen gebeuren bij handopsteking, behalve bij benoemingen en voordrachten, waar de stemmingen geheim zijn.

 

Art. 18 Belangenconflicten

 

Indien een bestuurder rechtstreeks of onrechtstreeks een belang van vermogensrechtelijke aard heeft dat strijdig is met een beslissing of een verrichting die tot de bevoegdheid behoort van de raad van bestuur, moet hij dat meedelen aan de andere bestuurders voor de raad van bestuur een besluit neemt.

Zijn verklaring, alsook de rechtvaardigingsgronden betreffende voornoemd strijdig belang moeten worden opgenomen in de notulen van de raad van bestuur die de beslissing moet nemen.

 

De raad van bestuur omschrijft in de notulen de aard van de in het eerste lid bedoelde beslissing of verrichting en verantwoordt het genomen besluit. Ook de vermogensrechtelijke gevolgen ervan voor het bedrijf moeten in de notulen worden vermeld.

 

Voornoemde regeling is niet van toepassing wanneer de beslissingen van de raad van bestuur betrekking hebben op gebruikelijke verrichtingen die plaatshebben onder de voorwaarden en tegen de zekerheden die op de markt gewoonlijk gelden voor soortgelijke verrichtingen.

 

Dit artikel doet geen afbreuk aan de gelding van andere bepalingen betreffende de belangenvermenging in hoofde van bestuurders en met openbare diensten belaste personen, zoals onder meer artikel 245 van het Strafwetboek.

 

Art. 19 Verboden handelingen

 

Het is de bestuurder niet toegestaan:

1° aanwezig te zijn bij de bespreking en de stemming over aangelegenheden waarin hij een rechtstreeks belang heeft, hetzij persoonlijk, hetzij als vertegenwoordiger, of waarbij de echtgenoot, of bloed- of aanverwanten tot en met de vierde graad een persoonlijk en rechtstreeks belang hebben. Dat verbod strekt niet verder dan de bloed- en aanverwanten tot en met de tweede graad als het gaat om de voordracht van kandidaten, benoemingen, ontslagen, afzettingen en schorsingen. Voor de toepassing van deze bepaling worden personen die een verklaring van wettelijke samenwoning, als vermeld in artikel 1475 van het Burgerlijk Wetboek, hebben afgelegd, met echtgenoten gelijkgesteld;

2° rechtstreeks of onrechtstreeks een overeenkomst te sluiten, behoudens in geval van een schenking aan het autonoom gemeentebedrijf of de stad, of deel te nemen aan een opdracht voor aanneming van werken, leveringen of diensten, verkoop of aankoop ten behoeve van het autonoom gemeentebedrijf of de stad, behoudens in de gevallen waarbij de bestuurder een beroep doet op een door het autonoom gemeentebedrijf of de stad aangeboden dienstverlening en ten gevolge daarvan een overeenkomst aangaat;

3° rechtstreeks of onrechtstreeks als advocaat of notaris tegen betaling werkzaam te zijn in geschillen ten behoeve van het bedrijf. Dit verbod geldt eveneens ten aanzien van de personen die in het kader van een associatie, groepering, samenwerking of op hetzelfde kantooradres met de bestuurder werken;

4° rechtstreeks of onrechtstreeks als advocaat of notaris werkzaam te zijn in geschillen ten behoeve van de tegenpartij van het bedrijf of ten behoeve van een personeelslid van het bedrijf aangaande beslissingen in verband met de tewerkstelling binnen het autonoom gemeentebedrijf. Dit verbod geldt eveneens ten aanzien van de personen die in het kader van een associatie, groepering, samenwerking of op hetzelfde kantooradres met de bestuurder werken.

 

Art. 20 Notulen

 

De beraadslagingen van de raad van bestuur worden vastgelegd in notulen die door de secretaris worden opgesteld en door de voorzitter en secretaris worden ondertekend.

 

De notulen van de vergaderingen worden meegestuurd met de uitnodiging voor de volgende vergadering waar ze ter goedkeuring worden voorgelegd.

 

Deze goedgekeurde notulen worden in een speciaal register opgenomen dat wordt bewaard op de zetel van het bedrijf onder de verantwoordelijkheid van de secretaris. De volmachten worden aan de notulen gehecht.

 

De goedgekeurde notulen kunnen door het publiek worden ingekeken conform de wijze vermeld in de webtoepassing van de stad.

 

Art. 21 Bevoegdheden

 

De raad van bestuur is gemachtigd alle nuttige of noodzakelijke handelingen te verrichten om de doelstellingen van het bedrijf te verwezenlijken.

 

De raad van bestuur beslist tot het instellen van rechtsvorderingen. In het belang van het bedrijf kan de voorzitter rechtsgeldig en zonder enige voorafgaande formaliteit alle gerechtelijke en buitengerechtelijke handelingen namens het bedrijf stellen. Hij kan onder meer beslissen namens het bedrijf een procedure als eiser of verweerder te voeren zowel voor de gewone rechtbanken als voor de administratieve rechtscolleges. Een beslissing tot het instellen van een rechtsgeding wordt ter bekrachtiging aan de eerstvolgende raad van bestuur voorgelegd.

 

De raad van bestuur controleert het bestuur van het directiecomité.

 

De raad van bestuur is bevoegd om binnen de perken van de statuten zijn werking nader te regelen in een reglement van inwendige orde.

 

De raad van bestuur stelt de deontologische code op. Deze code voorziet minstens in volgende verplichtingen:

-           het ambt wordt op loyale en correcte wijze uitgeoefend;

-           de persoonlijke waardigheid van eenieder dient te worden gerespecteerd;

-           in principe bestaat er een spreekrecht, doch bepaalde info mag niet worden bekendgemaakt aan derden;

-           discriminatie is ten allen tijde verboden;

-           personeelsleden dienen steeds giften, beloningen of enige andere voordelen in verband met hun ambt te weigeren en mogen dit evenmin vragen noch eisen;

-           personeelsleden hebben daarenboven recht op informatie en vorming. Vorming is een plicht indien ze noodzakelijk blijkt voor een beter uitoefening van de functie of betere functionering van de dienst.

 

Het staat de raad van bestuur vrij om eveneens bijkomende deontologische rechten en verplichtingen in de code op te nemen.

 

Art. 22 Bevoegdheidsdelegatie

 

De raad van bestuur kan de uitoefening van bepaalde bevoegdheden, met inbegrip van het aanwerven van personeel, delegeren aan het directiecomité, waarbij bovendien de mogelijkheid bestaat dit verder toe te vertrouwen aan personeelsleden van het bedrijf. Dit kan echter niet voor:

1° het vaststellen van tariefreglementen;

2° het beslissen over participaties;

3° het vaststellen van het reglement van inwendige orde van de raad van bestuur;

4° het vaststellen van het statuut van het personeel;

5° het afsluiten van beleids-, beheers, en samenwerkingsovereenkomsten bedoeld in artikel 9; 6° het vaststellen van het budget, de jaarrekening of het meerjarenplan.

 

Art. 23 Personeel

 

De raad van bestuur is bevoegd voor het aanwerven van personeel en stelt het personeelsstatuut vast. De bevoegdheid tot aanwerving van personeel kan evenwel worden gedelegeerd aan het directiecomité of de gedelegeerd bestuurder en desgevallend aan personeelsleden van het bedrijf. Eveneens kan worden gedelegeerd het dagelijks personeelsbeheer, de bevoegdheid voor het aanstellen en het ontslaan van personeel alsook de sanctie- en tuchtbevoegdheid ten aanzien van het personeel

 

De overeenstemmende rechtspositieregeling en deontologische code van het stadspersoneel zijn van toepassing op het personeel van het autonoom gemeentebedrijf. Het autonoom gemeentebedrijf stelt de afwijkingen op deze rechtspositieregeling vast, voor zover het specifieke karakter van het autonoom gemeentebedrijf dat verantwoordt. Het autonoom gemeentebedrijf bepaalt de rechtspositieregeling van de betrekkingen die niet bestaan binnen de stad.

 

Wanneer de raad van bestuur beslist tot contractuele aanwervingen, stelt hij in dit geval het arbeidsreglement en de algemene voorwaarden van de arbeidsovereenkomsten vast. De stad kan binnen wettelijke grenzen, personeel ter beschikking stellen aan het bedrijf.

 

Art. 24 Niet-binding van de bestuurders

 

De bestuurders zijn niet persoonlijk gebonden door de verbintenissen van het bedrijf.

 

De bestuurders zijn aansprakelijk zonder hoofdelijkheid voor de tekortkomingen in de normale uitoefening van hun bestuur. Ten aanzien van de overtredingen waaraan zij geen deel hebben gehad, worden de bestuurders van die aansprakelijkheid ontheven als hun geen schuld kan worden verweten en als zij die overtredingen hebben aangeklaagd bij de gemeenteraad binnen een maand nadat zij er kennis van hebben gekregen.

 

Het autonoom gemeentebedrijf sluit een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering af.

 

Afdeling 3 Directiecomité

 

Art. 25 Samenstelling

 

Het directiecomité is samengesteld uit maximaal tien leden.

 

Art. 26 Duur en einde van de mandaten

 

Na de volledige vernieuwing van de gemeenteraad wordt tot volledige vernieuwing van het directiecomité overgegaan. In dat geval blijven de leden van het directiecomité in functie tot de nieuwe raad van bestuur hen vervangt.

 

Het lid van het directiecomité waarvan het mandaat voortijdig een einde neemt, wordt geacht van rechtswege ontslagnemend te zijn. De raad van bestuur regelt zijn vervanging.

 

De raad van bestuur kan te allen tijde het mandaat van voorzitter van het directiecomité of van lid van het directiecomité herroepen.

 

Art. 27 Vergoedingen

 

De leden van het directiecomité oefenen hun mandaat onbezoldigd uit.

 

Art. 28 Voorzitterschap

 

Het directiecomité kiest uit zijn leden een voorzitter en duidt een secretaris aan.

 

Art. 29 Vergaderingen

 

Het directiecomité vergadert telkens wanneer de aangelegenheden die onder zijn bevoegdheden vallen het vereisen en wordt door de voorzitter bijeengeroepen. De vergaderingen van het directiecomité zijn niet openbaar.

 

Art. 30 Beraadslagingen

 

Het directiecomité beraadslaagt op de zetel van het bedrijf of, indien de omstandigheden dit vereisen, op een andere plaats zoals wordt bepaald door de voorzitter.

 

Het directiecomité wordt voorgezeten door de voorzitter. Indien de voorzitter verhinderd is, wordt het directiecomité voorgezeten door een lid van het directiecomité die door de voorzitter daartoe wordt aangeduid. Indien geen vervangende voorzitter werd aangeduid door de voorzitter zit het oudste in leeftijd aanwezige lid van het directiecomité de vergadering voor.

 

Het directiecomité beraadslaagt en beslist volgens de regels die zijn vastgesteld in deze statuten. Het directiecomité is bevoegd om binnen de perken van de statuten zijn werking nader te regelen in een reglement van inwendige orde.

 

De besluiten van het directiecomité worden genomen bij meerderheid van de uitgebrachte stemmen. In geval van staking van stemmen is de stem van de voorzitter doorslaggevend. Blanco en ongeldige stemmen worden niet bij de uitgebrachte stemmen geteld.

 

De regels inzake verboden handelingen en belangenconflicten voor de leden van de raad van bestuur, vastgelegd in de artikelen 18 en 19, zijn mutatis mutandis ook van toepassing voor de leden van het directiecomité.

 

Art. 31 Notulen

 

De beraadslagingen van het directiecomité worden vastgelegd in notulen. Een afschrift ervan wordt ter informatie toegezonden aan de leden van de raad van bestuur. De notulen worden elektronisch ter beschikking gesteld wanneer een lid van het directiecomité of een lid van de raad van bestuur hier om verzoekt.

 

De afschriften of uittreksels, in rechte of anderszins voor te leggen, worden ondertekend door de secretaris. Deze bevoegdheid kan worden opgedragen aan een lasthebber.

 

De notulen worden gepubliceerd op de webtoepassing van de stad. De webtoepassing vermeldt de wijze waarop het publiek inzage kan krijgen in de notulen van het directiecomité.

 

Art. 32 Bevoegdheden

 

Het directiecomité is belast met het dagelijks bestuur, met de vertegenwoordiging met betrekking tot dat bestuur en met de uitvoering van de beslissingen van de raad van bestuur.

Het directiecomité is daarenboven bevoegd voor alle materies die aan hem door de raad van bestuur worden gedelegeerd.

 

Het directiecomité is verantwoording verschuldigd aan de raad van bestuur. Het verschaft de raad van bestuur informatie over zijn beslissingen en licht hem in over al zijn handelingen.

 

Het directiecomité kan de hem toevertrouwde bevoegdheden verder delegeren aan zijn voorzitter en aan personeelsleden van het bedrijf of van de stad. Deze delegaties omvatten tevens de vertegenwoordigingsbevoegdheid met betrekking tot de gedelegeerde bevoegdheden.

 

Art. 33 Niet-binding van de leden van het directiecomité

 

De leden van het directiecomité zijn niet persoonlijk gebonden door de verbintenissen van het bedrijf.

De leden van het directiecomité zijn aansprakelijk zonder hoofdelijkheid voor de tekortkomingen in de normale uitoefening van hun bestuur. Ten aanzien van de overtredingen waaraan zij geen deel hebben gehad, worden de leden van het directiecomité van die aansprakelijkheid ontheven als hun geen schuld kan worden verweten en als zij die overtredingen hebben aangeklaagd bij de gemeenteraad binnen een maand nadat zij er kennis van hebben gekregen. De raad van bestuur wordt door het betrokken lid schriftelijk op de hoogte gebracht van de overtreding en van de beslissing van de gemeenteraad.

 

HOOFDSTUK V FINANCIËN EN FINANCIELE CONTROLE

 

Art. 34 Statutair kapitaal

 

Het geplaatste maatschappelijke en statutaire kapitaal van het bedrijf bedraagt 3.016.064,84 euro.

 

Het bedrag van het geplaatste maatschappelijke en statutaire kapitaal stemt overeen met de nettoinbrengwaarde van de in te brengen vermogensbestanddelen.

 

Behoudens in het kader van een ontbinding van het bedrijf kan het kapitaal noch geheel noch gedeeltelijk, op welke wijze dan ook, worden vervreemd, uitgekeerd of overgedragen. Een vermindering van het kapitaal is enkel mogelijk om exploitatieverliezen, minderwaarden of (duurzame) waardeverminderingen te compenseren.

 

Art. 35 Alarmbelprocedure

 

Wanneer ten gevolge van een geleden verlies het netto-actief gedaald is tot minder dan de helft van het geplaatste maatschappelijke en statutaire kapitaal zoals bedoeld in artikel 34, eerste lid, moet de raad van bestuur het college van burgemeester en schepenen notificeren van dit feit en het college van burgemeester en schepenen verzoeken de gemeenteraad uit te nodigen om binnen een termijn van ten hoogste twee maanden nadat het verlies is vastgesteld bijeen te komen teneinde in voorkomend geval te beraadslagen en te besluiten over de maatregelen die de raad van bestuur voorstelt in een plan opgesteld ter sanering van de financiële toestand.

 

Art. 36 Inkomsten en uitgaven

 

Het bedrijf ontvangt de inkomsten van alle activiteiten die het uitvoert en draagt de lasten van deze activiteiten.

 

Art. 37 Financiering

 

De raad van bestuur beslist vrij over de omvang, de technieken en de voorwaarden van zijn externe financiering.

 

Het bedrijf kan onder meer toelagen, giften en legaten ontvangen en leningen aangaan, desgevallend onder de voorwaarden bepaald in de beheersovereenkomst.

 

Art. 38 Boekhouding, jaarrekening en budget

 

Het autonoom gemeentebedrijf maakt een meerjarenplan op overeenkomstig de regels die krachtens artikel 254, 255, 256, 257, 258, 259 en 242 van het Decreet Lokaal Bestuur gelden voor het meerjarenplan van de stad. De boekhouding wordt gevoerd en de jaarrekening wordt opgesteld overeenkomstig de regels die krachtens artikel 260, 261, 262 en 242 van het Decreet Lokaal Bestuur worden gesteld voor de boekhouding en de jaarrekening van de stad. Het autonoom gemeentebedrijf doet uiterlijk op 31 december van ieder jaar de nodige opnemingen, verificaties, opzoekingen en waarderingen om de inventaris op te maken van al de bezittingen, vorderingen, schulden en verplichtingen van het autonoom gemeentebedrijf, van welke aard ook. De boekhouding wordt gevoerd onder de verantwoordelijkheid en het toezicht van de raad van bestuur.

 

De raad van bestuur stelt het meerjarenplan en de aanpassingen ervan vast en legt ze ter goedkeuring aan de gemeenteraad voor.

 

Art. 39 Procedure jaarrekening

 

§ 1. De raad van bestuur spreekt zich uit over de vaststelling van de jaarrekening voor 30 juni van het boekjaar, volgend op het boekjaar waarop de rekening betrekking heeft.

 

§ 2. De raad van bestuur keurt de jaarrekening goed op voorwaarde dat:

1° aan de raadsleden in het beleidsrapport alle noodzakelijke informatie ter beschikking is gesteld om met kennis van zaken een beslissing te nemen;

2° de jaarrekening juist en volledig is en een waar en getrouw beeld geeft van de financiële toestand van het bedrijf;

3° het beleidsrapport dat aan de raadsleden werd bezorgd, overeenstemt met de digitale rapportering die daarover aan de Vlaamse Regering is bezorgd met toepassing van artikel 250 van het Decreet Lokaal Bestuur;

4° de algemene en budgettaire boekhouding op elkaar aansluiten.

 

De raad van bestuur kan bij de goedkeuring bepaalde verrichtingen als onregelmatig bestempelen en beslist dan over de aansprakelijkheid van de actoren die betrokken zijn bij die verrichtingen. Hij brengt de betrokkenen onmiddellijk op de hoogte van zijn beslissing met een aangetekende brief of een andere melding die voldoet aan de voorwaarden, vermeld in artikel 2281 Burgerlijk Wetboek, en die een bewijs oplevert van die melding, van het tijdstip waarop ze is verricht en van de authenticiteit en de integriteit van de verwerkte gegevens.

 

In voorkomend geval wordt daarbij een verzoek gevoegd om het vastgestelde bedrag aan de stad te betalen. Een afschrift van de beslissing van de raad van bestuur wordt bezorgd aan de stad.

 

§ 3. Onmiddellijk na de definitieve vaststelling van een beleidsrapport bezorgt het bedrijf de gegevens over het vastgestelde beleidsrapport in digitale vorm aan de Vlaamse Regering. Het vastgestelde beleidsrapport is pas uitvoerbaar als de digitale rapportering erover aan de Vlaamse Regering is bezorgd.

 

Als er nog geen jaarrekening is vastgesteld op 30 juni van het jaar dat volgt op het boekjaar in kwestie bezorgt het bedrijf de gegevens over het ontwerp van jaarrekening in digitale vorm aan de Vlaamse Regering.

 

Art. 40 Resultaatsbestemming

 

Met inachtneming van de ter zake gesloten beleidsovereenkomsten en nadat een bedrag van ten minste een twintigste van de nettowinst is ingehouden voor de vorming van een reservefonds, een verplichting die ophoudt wanneer het reservefonds een tiende van het maatschappelijk kapitaal heeft bereikt en nadat de raad van bestuur heeft beslist over het reserveren of overdragen van het resultaat van het bedrijf, wordt het saldo aan de stad uitgekeerd.

 

Art. 41 Audit

 

§ 1. In elke gemeente wordt periodiek een audit uitgevoerd door Audit Vlaanderen, vermeld in artikel 34, van het kaderdecreet bestuurlijk beleid van 18 juli 2003.

 

Audit Vlaanderen bezorgt de verslagen van de audits aan de voorzitter van de raad van bestuur, die ze bezorgt aan de leden van de raad van bestuur.

 

§ 2. Audit Vlaanderen evalueert de organisatiebeheersing, gaat na of ze adequaat is en formuleert aanbevelingen tot verbetering daarvan. Audit Vlaanderen kan daarvoor organisatie- en procesaudits uitvoeren en is gemachtigd alle bedrijfsprocessen en activiteiten te onderzoeken.

 

Audit Vlaanderen is ook bevoegd voor het uitvoeren van forensische audits.

 

§ 3. Om zijn bevoegdheid te kunnen uitoefenen, heeft Audit Vlaanderen toegang tot alle informatie en documenten, ongeacht de drager ervan, en tot alle gebouwen, ruimtes en installaties waar taken worden uitgevoerd van de besturen. Audit Vlaanderen kan aan leder personeelslid de inlichtingen vragen die het voor de uitvoering van zijn opdrachten nodig acht. leder personeelslid is ertoe gehouden zo snel mogelijk en zonder voorafgaande machtiging op een volledige wijze te antwoorden en alle relevante informatie en documenten te verstrekken.

 

Elk personeelslid heeft het recht om Audit Vlaanderen rechtstreeks op de hoogte te brengen van onregelmatigheden die hij in de uitoefening van zijn functie vaststelt.

 

Buiten gevallen van kwade trouw, persoonlijk voordeel of valse aangifte die een dienst of een persoon schade toebrengen, kan een rapportering aan Audit Vlaanderen nooit aanleiding geven tot een tuchtsanctie of een ontslag. Dergelijke verklaringen vallen niet onder het inzagerecht, tenzij het betrokken personeelslid daarvoor zijn instemming verleent.

 

HOOFDSTUK VI SLOTBEPALINGEN

 

Art. 42 Vertegenwoordiging

 

Het bedrijf wordt ten overstaan van derden geldig vertegenwoordigd door de voorzitter van de raad van bestuur, de voorzitter van het directiecomité of twee bestuurders samen.

 

Binnen de grenzen van het dagelijks bestuur wordt het bedrijf geldig vertegenwoordigd door de voorzitter van het directiecomité.

 

Het bedrijf kan eveneens geldig worden vertegenwoordigd door bijzondere lasthebbers, binnen de grenzen van hun mandaat.

 

Art. 43 Rechtsopvolging

 

De stad Tienen kan aan het bedrijf bij of na de oprichting rechten en plichten overdragen, waaronder het eigendomsrecht op roerende en onroerende goederen.

 

Deze overdracht zal van rechtswege geschieden voor de overeenkomsten, eigendommen, en andere rechten en plichten die de gemeenteraad bij of na de oprichting aanduidt. Deze rechtsopvolging van rechtswege berust op de wettelijke en reglementaire bepalingen vermeld in artikel 2 en volgt uit de overdracht van de betrokken activiteiten door de stad aan het bedrijf. Van deze rechtsopvolging van rechtswege wordt door de stad bij aangetekende brief kennis gegeven aan het bedrijf en mogelijke andere belanghebbende partijen.

 

De overdracht en de rechtsopvolging zijn evenwel voltrokken door het enkele gemeenteraadsbesluit. Het bedrijf en de stad kunnen de door de stad besliste overdracht van de eigendom van onroerende goederen zo nodig met bijkomende middelen tegenstelbaar aan derden maken.

 

De overdracht van andere overeenkomsten, rechten en plichten door de stad aan het bedrijf geschiedt op basis van de desbetreffende overeenkomsten of het gemeen recht ter zake.

 

Bij of na de oprichting van het bedrijf kan de stad goederen aan het bedrijf verkopen of ter beschikking stellen onder nader overeen te komen voorwaarden.

 

Art. 44 Ontbinding en vereffening

 

§ 1. De gemeenteraad kan steeds beslissen om tot ontbinding en vereffening van een autonoom gemeentebedrijf over te gaan.

In de beslissing tot ontbinding wijst de gemeenteraad de vereffenaars aan. Alle andere organen vervallen op het ogenblik van de ontbinding.

 

§ 2. Het personeel in statutair en contractueel dienstverband van het ontbonden autonoom gemeentebedrijf wordt overgenomen door de stad.

 

De stad waarborgt de rechten die het autonoom gemeentebedrijf op het ogenblik van ontbinding voor het overgenomen personeel had vastgesteld.

 

§ 3. De rechten en verplichtingen van het ontbonden autonoom gemeentebedrijf worden overgenomen door de stad.

 

§ 4. In afwijking van § 2 en § 3 kan de gemeenteraad in het ontbindingsbesluit de personeelsleden in statutair dienstverband, die daarmee moeten instemmen, en de rechten en verplichtingen aanwijzen die overgenomen worden door de overnemer of de overnemers van de activiteiten van het gemeentebedrijf.”.