Bevoegdheid
Juridische context
Het is gerechtvaardigd om een billijke financiële tussenkomst te vragen van de belanghebbenden op het grondgebied van de gemeente, gelet op de financiële toestand van de gemeente en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven.
De gemeente is wettelijk bevoegd om opcentiemen te heffen op de onroerende voorheffing, conform artikel 464 van het wetboek van de inkomstenbelastingen. Deze opcentiemen vormen een essentiële inkomstenbron voor de gemeente en dragen bij tot het realiseren van de beleidsdoelstellingen.
De opbrengst van deze opcentiemen wordt aangewend voor de financiering van basisdiensten zodat de gemeente kan inspelen op specifieke noden van haar inwoners, alsook het voeren van een duurzaam en inclusief beleid.
Door het vaststellen van het aantal opcentiemen verzekert de stad een stabiele en rechtvaardige inkomstenstroom. Deze heffing is bovendien proportioneel en gebaseerd op het kadastraal inkomen, wat zorgt voor een eerlijke verdeling van de belastingdruk.
Derhalve betaamt het om gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 te heffen. De gemeentelijke opcentiemen blijven behouden op 982.
De ontvangsten worden ingeschreven conform de ramingen van de Vlaamse belastingdienst en worden geboekt op RW-FIN/0020-00/730000.
Besluit
Enig artikel: De gemeenteraad stelt de gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing vast als volgt:
Artikel 1: Belastbare grondslag en belastbare periode
Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 worden 982 gemeentelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing geheven.
Artikel 2: Wijze van inning
De vestiging en de inning van deze belasting gebeuren door de Vlaamse belastingdienst.
Artikel 3: Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026.